Wat kun je betekenen voor kinderen die een ramp hebben meegemaakt, als je hun taal niet spreekt? Die vraag bracht Yolanda Hoogenboom naar Sri Lanka. In haar boek Spirituele traumaverwerking – na een tsunami in Aziëvertelt ze over die reis en de ervaringen die haar bijbleven.
In 2004 overspoelt een verwoestende tsunami grote delen van de kust van Azië. Yolanda werkt op dat moment in Nederland als paranormaal therapeut. Het lot van de getroffen kinderen laat haar niet los. Ze vraagt zich af of ze met haar ervaring iets voor hen kan betekenen.
Drie jaar later stapt ze in het vliegtuig. Haar bestemming is het Somawathi-weeshuis in Sri Lanka.
Daar onderneemt ze met de kinderen een gezamenlijke ceremonie, bedoeld om de aarde én zichzelf te troosten. Ook beschrijft ze hoe ze kinderen individueel begeleidt met handoplegging. Haar spirituele beleving, waaronder het ervaren van zichtbare en onzichtbare aanwezigheden, vormt een wezenlijk onderdeel van haar verhaal.
Achter die bijzondere ervaringen ligt een herkenbare menselijke vraag: wat gebeurt er wanneer je besluit een gevoel van betrokkenheid te volgen? Wanneer je, ondanks twijfel en een taalbarrière, toch die eerste stap zet?
Ook het opschrijven en delen vroeg moed. Op de achterflap vertelt Yolanda dat haar manuscript jarenlang bleef liggen, totdat ze haar ervaringen met anderen durfde te delen. Daarmee gaat het boek ook over de drempel die veel schrijvers kennen: wanneer geef je een persoonlijk verhaal uit handen?
Voor lezers die nieuwsgierig zijn naar spiritualiteit, persoonlijke ervaringen en de zoektocht naar verbinding, biedt dit boek een kennismaking met Yolanda’s kijk op troost en traumaverwerking.
Meer weten over het boek? Bekijk de boekinformatie op de website van Yolanda Hoogenboom.